Ondertussen op het dak van de wereld

Ondertussen op het dak van de wereld

Op het dak van de wereld

Op 25 maart vertrok na 8 jaar weer eens een Belgische expeditie naar de Mount Everest. Sofie Lenaerts en Paul Hegge gingen met passie, moed en doorzettingsvermogen de gigantische uitdaging aan om het dak van de wereld te beklimmen. Als trotse sponsor van de expeditie hebben we van dichtbij hun avontuur kunnen volgen en we spraken met hen over hun ervaringen tijdens de unieke beklimming.

De Mount Everest is met zijn 8848 meter de hoogste berg op aarde en maakt deel uit van het Himalaya gebergte in Azië, gelegen op de grens tussen Nepal en Tibet. In 1990 stond voor het eerst een Belgisch team op de top, waarna nog 12 Belgische expedities succesvol het dak van de wereld haalden. Maar sinds 2007 bereikte geen enkele Belg meer de top. Door gevaarlijke lawines en zware aardbevingen was het ondertussen ook meer dan een jaar geleden dat iemand het dak van de wereld beklom. Een degelijke voorbereiding is dan ook cruciaal voor deze uitdaging van formaat:

Sofie Lenaerts: “Mijn partner beklom in 2007 de Mount Everest en stond mij bij tijdens de voorbereidingen. We hebben alles tot in de puntjes moeten voorbereiden en dat vraagt een dagelijkse inspanning. Het was mentaal en fysiek soms slopend, want eenmaal de expeditie begint, wil je zo min mogelijk problemen tegenkomen.”

Top uitzicht

Paul Hegge: “Vooral de laatste 4 maanden voor vertrek was de fysieke voorbereiding intens. In de praktijk trainde ik dikwijls 2 maal per dag. In totaal fietste ik 2.500 km met de mountainbike, zwom 65 km, legde 1.100 km af op de crosstrainer en wandelde 550 km met een volle rugzak. Daarbovenop heb ik nog een 40-tal uren op rots- en ijswanden geklommen. Mentaal is het vooral belangrijk om de beklimming in het hoofd te prenten door erover te lezen en filmpjes te bekijken. Je beeld je ook allerlei scenario’s in en de manier waarop je hoopt hiermee om te gaan.”

Na een tocht van meer dan 60 dagen, bereikten Sofie en Paul op 22 mei hun ultieme doel. De twee avonturiers werden meermaals op de proef gesteld, want de hoogste berg van de wereld laat zich niet zomaar temmen.

Paul: “Tijdens de topdagen van de beklimming zelf ben je eigenlijk alleen maar bezig met jezelf en je omgeving. Het is de enige sport die ik ken waarbij je enerzijds volledig op jezelf bent gefocust om je energie optimaal te gebruiken en je anderzijds al je zintuigen gebruikt om je omgeving te scannen om te overleven. In de kampen leg je contact met de andere klimmers, al is het maar om de verveling te doorbreken.”

Sofie: “Het is een intense reis waar je toch wel heel veel contact hebt met je medeklimmers. Je deelt je ervaringen, informatie over de routes, het weer, de gevaren, de kampen, … met de andere mensen op de berg. Klimmen is een individuele uitdaging, maar tegelijk ben je steeds omringd door je medeklimmer en sherpa. Op de berg zit je letterlijk dicht op elkaar, in té kleine tentjes met al jouw materiaal. Plezier maken is daarom uiterst belangrijk.”

Je kan trainen en voorbereid zijn, maar de Mount Everest laat zich niet zomaar bedwingen. Zo bereikte Sofie de top met een gebroken rib. Maar ook de onzekerheid van de top is mentaal een grote uitdaging.

Top teamSofie: “Dat het fysiek zwaar ging worden, besefte ik. Ik was eerder benieuwd en enthousiast in plaats van angstig. Dat maakt dat je meer kan genieten en rustiger bent tijdens het klimmen. Toen ik aan de laatste sneeuwhelling kwam, had ik het fysiek zwaar en begon ik mij te concentreren op het aantal ademhalingen dat ik nodig had om één pas te zetten. Bergen beklimming is eerder een mentale uitdaging dat fysieke.”

Paul: “De grootste mentale uitdaging is wachten … wachten op het goede moment om te kunnen klimmen. Je spendeert het grootste deel van je tijd aan wachten in een tent die constant geteisterd wordt door de wind, terwijl het zelden boven het vriespunt is. De verveling, maar vooral de onzekerheid of je wel de kans zal krijgen om naar de top te klimmen, begint na 5 weken zwaar te wegen. Dan stel je je regelmatig de vraag: ‘waar ben ik in godsnaam aan begonnen?’. Maar het avontuur wordt doorspekt door onvergetelijke momenten. Een toiletbezoek op 7.800 meter hoogte, met een ravijn van 2.000 m diep vlak voor je voeten bijvoorbeeld. Een zeer spannende balansoefening!”

Met een ongelooflijk doorzettingsvermogen, bedachtzame moed en een fysieke en mentale sterkte om ù tegen te zeggen, slaagden Sofie en Paul erin om het dak van de wereld te beklimmen.

Sofie: “Eerst besefte ik niet goed dat ik de top had bereikt. Ik zat neer, begon rond te kijken en besefte dat ik geen emoties had … toen zei ik tegen mezelf: ‘besef je wel waar je staat? Je staat op het dak van de wereld!’ En toen kwamen de tranen. Ik kan het niet beschrijven, maar dat moment is zo intens dat ik er nu nog steeds de krop van in de keel krijg. Ik belde op de top naar mijn partner, die daar 9 jaar geleden ook stond. Een heel uitzonderlijk moment.”

Paul: “Eigenlijk moet het besef nog binnensijpelen. De top zelf was niet zo bijzonder voor mij, maar wel de weg ernaartoe en de afdaling. Twee uur voordat we de top bereikten, kwam de zon op. Een ultiem moment. Helemaal boven de wolken, een staalblauwe hemel. Je ziet de kromming van de aarde, de bergtoppen in de omgeving en dan de zon die opkomt. Echt machtig. De top was verschrikkelijk koud, zo’n -30°C. Ik ben maar een goede 10 minuten op de top gebleven. Ik was mentaal al bezig met de afdaling, want daar vallen de meeste slachtoffers. Maar ik heb er ongelooflijk van genoten. Met onwaarschijnlijke uit- en dieptezichten, behoorlijk gevaarlijk maar leuk om te doen.”

Top PaulHet avontuur ligt ondertussen bijna een maand achter de rug voor Sofie en Paul. Hun moed en doorzettingsvermogen is een inspiratie voor elke ondernemer!

Sofie: “De beklimming van de Mount Everest was een droom die werkelijkheid werd. Het klimmen zit al 13 jaar in mijn bloed. Voor mijn partner en ik is het een echte passie. Er staan ondertussen terug andere bergen op het lijstje voor de nabije toekomst.”

Paul: “Af en toe realiseer ik mij vandaag wat ik gepresteerd heb, maar het dagelijkse leven slorpt je zo snel weer op. Thuis zijn de kinderen aan de examens begonnen en ze kunnen wel wat hulp gebruiken. Ik ben dus meteen weer in de realiteit geworpen. Als kind had ik twee dromen: de olympische marathon lopen en de Mount Everest beklimmen. Die marathon zal met mijn slechte knieën niet meteen voor morgen zijn, maar een op de twee dromen realiseren is toch ook al niet slecht.”

Top Everest